
Vergeet samen met ACSI die grauwe, koude Hollandse winterdagen en reis met ons mee af naar de warme Spaanse Costa's. Hier voelt u de warmte op uw huid en zult u zich een stuk vrolijker voelen. Door de aangename temperatuur kunt u er veel op uit trekken. Ontdek het binnenland, want daar is het nu niet té warm! Ook de steden Barcelona en Valencia liggen aan uw voeten. Zelfs het traditionele en zeer uitbundige feest 'las Fallas' kunt u meemaken.

Afstand: ca. 1865 km.
Dardilly - Dardilly
- alle campinggelden, elektriciteit op doorgangscampings
- 2 excursies, 1 bustransfer
- 1 middagmaaltijd inclusief een drankje
- 4 avondmaaltijden inclusief 2 drankjes en koffie (indien noodzakelijk inclusief transfer)
- fooien
- begeleiding door reisleidersechtpaar
- uitgebreide reisdocumentatie
- reüniedag
- elektriciteit op verblijfscamping, dag 6-35: ongeveer € 0,31 / kWh
- verzekeringen
- brandstofverbruik
- douchemunten
- tolgelden
Deze camping heeft ruime zonnige kampeerplaatsen en ligt op slechts 300 m. van één van Spanjes schoonste stranden, dichtbij het natuurgebied van de Las Palmas-woestijn en op loopafstand van een sfeervol stadje.
Op de camping: goede sanitaire voorzieningen, een gezellig restaurant (dagmenu's, tapas en meeneemmaaltijden), televisieruimte, bibliotheek, internet, een verwarmd openlucht en overdekt zwembad, tennisbanen en fietsverhuur.
De omgeving: verken het achterland: in de voetsporen van de legendarische El Cid (La Iglesuela del Cid) en het Maestrazgo-gebergte (onder andere het ommuurde Morella). Peñiscola (historisch stadje met indrukwekkend kasteel) in combinatie met de Ebro-delta. Wat dichterbij: de oude havenstad Castellón de la Plana of het Romeinse amfi-theater van Sagunto. En uiteraard Valencia.




Met z’n tweetjes genieten in Spanje Hallo, ik ben Hannes en ik wil jullie graag iets vertellen over een reisje naar Spanje dat ik vorig jaar heb gemaakt samen met mijn baasje. Dat was lachen, joh!......... |
Met z’n tweetjes genieten in Spanje
Hallo, ik ben Hannes en ik wil jullie graag iets vertellen over een reisje naar Spanje dat ik vorig jaar heb gemaakt samen met mijn baasje. Dat was lachen, joh!
Op naar het zuiden
Mijn baasje vindt in februari/maart dat het in Nederland maar slecht weer is. Hij besluit daarom om met een groep van ACSI naar Benicàssim te gaan. Lekker een paar weken van de zon genieten. En raad eens: ik mag mee! In het begin moet ik wel even wennen aan al die andere mensen die meegaan. Ik laat me echter van mijn beste kant zien en binnen de kortste keren ben ik met iedereen vriendjes.
Gezellige camping
Op de camping mag ik van m’n baasje de hele dag buiten zijn, want het is heel lekker weer. Alle andere mensen zitten ook vaak buiten in de zon. In februari! ’s Zondags drinken ze met z’n allen koffie. Nou, ik ben er dan natuurlijk ook als de kippen bij, want er valt altijd wel ergens een koekje te snaaien of zo…Het mooist vind ik altijd de donderdag. Op deze dag komt iedereen bij elkaar om een borrel te drinken. Nou, dat is mooi! Er staan overal lekkere hapjes op tafel. Ik zet mijn zieligste gezicht op…nou, je snapt het al: iedereen stopt me wat lekkers toe! Soms wordt er muziek gemaakt en gezongen. En als ze gaan jeu-de-boulen, mag ik telkens mee om te kijken. Gezellige boel hoor!
Volgend jaar gaan we weer
Weet je wat ook heel fijn is tijdens de kampeerreis? Je kunt zo van de camping naar het stadje lopen. Er zijn terrasjes waar mijn baasje een kopje koffie neemt en ik naar de mensen kan kijken (en zij natuurlijk naar mij!). ’s Middags ga ik altijd met m’n baasje naar het strand. Vlak bij de camping. Geweldig! Lekker rennen, rollen door het zand en zwemmen in zee! Soms gaan we met z’n allen met de bus ergens naar toe - een excursie heet dat, geloof ik. Ik mag dan logeren bij andere mensen van het reisgezelschap, die niet meegaan. Gaaf hè? Ja, ik vermaak me prima tijdens de kampeerreis. En zal ik je eens wat vertellen…. M’n baasje vindt het zo gezellig, dat we komend jaar wéér gaan! Ik verheug me er nu al op!
'Wonen' in de zon maakt optimistischMet vochtige jassen en sopschoenen verlaten we heel vroeg in de ochtend het sombere Nederland. Drie uur later schijnt de Spaanse zon ons vol in het gezicht, een ware klimaatschok. Maar het smaakt naar meer.
| ||
| door Sonja van Proosdij | ||
Sommigen hebben hun caravan, camper of tent opgezet in de zon voor zes weken, soms zelfs vijf maanden. Anderen vinden het interessanter om elke twee weken te verkassen naar een volgende camping ergens langs de Spaanse costa’s. En er zijn er ook bij die elk jaar op ‘hun’ stekkie terugkeren. Ze stallen caravan of camper dichtbij de camping en vliegen heen en terug naar huis. Op ons zonnetochtje gaan we gelijk even een kijkje nemen op de plekken die ACSI heeft uitgekozen voor de zogeheten overwinteringsreizen. Voor vakantiegangers die Nederland in de sombere maanden willen ontvluchten. Camping Park Kiko Buiten het aardige Oliva ligt Camping Park Kiko, pal aan zee. Met het badpak aan kun je zo ‘van huis in zee’. Het terrein heeft allemaal laantjes waar de gasten keurig naast elkaar staan. De langverblijvers hebben zelfs tuintjes om hun huisjes aangelegd, wat de sfeer heel gezellig maakt. We zien enkele gele nummerplaten en zijn nieuwsgierig waarom deze landgenoten hier zijn neergestreken. Greetje en Geert Pieksma bijvoorbeeld, zogenaamde zwervers, die na enkele weken naar een andere plek trekken maar wel drie à vier maanden onderweg zijn in de zon. ‘Kiko bevalt ons uitstekend, mensen zijn vriendelijk en de ligging is leuk. De omgeving is schitterend. Hier in de buurt is een prachtig dal, een van de mooiste gebieden. Je hoeft maar tien kilometer het binnenland in te gaan en je geniet van de bergen en de prachtige natuur. Als je hier in het seizoen de bloeiende amandelbomen bekijkt, weet je niet wat je ziet. En als je dan hoort dat het thuisfront regen en zelfs sneeuw meldt, ja dan hebben wij een beetje leedvermaak.’ Mandarijnen
De kust langs
Een zeer aantrekkelijke lokatie om te vertoeven, met zijn palmen en uitzonderlijk kleurrijke en sierlijke betegeling. De vele witte duiven en felgekleurde klapstoeltjes vol babbelende, mediterende of lezende personen, zorgen met de talrijke terrassen ervoor dat ‘La Esplanada’ druk en gezellig is elk uur van de dag en de avond. Trouwens Alicante - en dan vooral de oude stad - is de moeite waard om er rond te wandelen. Statige gevels, een oud gemeentehuis, een aantal kerken en het kasteel van St. Barbara boven op de rots, hebben al vele eeuwen over zich heen zien gaan. Met recht kunnen deze muren veel verhalen en dat is te zien ook. Een opknapbeurt hier en daar is niet overbodig. Palmen
Alsof er nog niet genoeg van groen te genieten is, neemt de privétuin, het Huerto del Cura museum, een unieke plaats in met de vele exotische palmen en planten. Elche, de op drie na grootste stad van de provincie Valencia, heeft als centrum een archeologische vindplaats L’Alcundia. Daar is het beeldje gevonden van de ‘Dame van Elche’. Als u toevallig iets gaat drinken of een hapje eten in het goede restaurant van het Parc Municipal, treft u een kopie van de Dame op het terras tussen de tafeltjes. Tussen haakjes: de specialiteit van het restaurant is de ovenschotel ‘Costra’. Zeer aanbevolen (zie samenstelling elders). La Manga
Op de terugweg staat een duidelijke aanwijzing naar de camping. Dit is echt een hele grote. Van de receptie via de hoofdlaan tot aan het restaurant aan de andere kant van het terrein heb je een wandeling gemaakt van ruim twintig minuten. De meesten hebben dan ook hun fiets meegebracht. We treffen natuurlijk ook hier Nederlanders aan. Hun reactie is uiteenlopend. Van ‘goed, schoon, fijne omgeving, gezamenlijk jeu de boulen (door de Nederlanders), veel toiletgebouwen, correcte, zakelijke receptie en gevarieerde supermarkt’. Maar de hoge afscheidingen tussen de staanplaatsen door dichte heggen, is voor de één ‘benauwend’ en voor de ander ‘prima privacy’. Verschillende meningen gehoord bij de families De Vries, Kremers, van den Broek en De Weerd. Sommigen komen terug, anderen niet meer. Het is inderdaad niet iedereen naar de zin te maken. Maar met een ACSI kampeerreis hangt veel af van eigen initiatief. En meestal zit dat wel goed. Op het terras van het restaurant met zicht op de surfers, pauzeren we voor een lekkere pastaschotel. Oude stedenHoewel de geschiedkundigen beweren dat Murcia ‘niet zo oud is’, de stad is toch al in 831 gesticht en werd in 1224 een koninkrijk met een zeer gemengde bevolking en een bloeiende handel en kunstnijverheid. Murcia was bekend om zijn vakkundigheid op het gebied van zilverbewerking en tapijten. Er is weinig meer over van vroeger, maar alleen al voor de kathedraal waarvan de bouw begon in 1394, is een bezoek aan de stad de moeite waard. Met zijn barokke gevel, mooie kapellen en hoogste domtoren van Spanje een van de indrukwekkende bezienswaardigheden. Maar we dwalen ook nog even door de smalle straatjes en langs levendige marktpleintjes en knusse plekjes. Als het kan Murcia niet overslaan. Cartagena is een stad met hier en daar nog interessante overblijfselen van het verleden, zoals de Romeinse muur en een ‘veilige haven’ naar het zeggen van Admiraal Nelson, bewijzen. Een leuk detail zijn de diverse sierlijke lantaarns die men overal in de stad tegenkomt. Bij ‘Los Soportales’ (Zuilengalerij) worden we even op het verkeerde been gezet. Een tromp-l’oeil, dat is een nabootsing van de werkelijkheid, belet ons om verder de straat in te lopen. Je botst tegen de muur met de geschilderde zuilen. Voor de vestingstad Lorca hebben we helaas weinig tijd, zodat we er even rondrijden en nog wel het kasteel op de rots zien liggen. Ondanks een aardbeving in de 17e eeuw, waarin veel historische monumenten zijn verwoest, is een bezoek meer dan de moeite waard. Sierra de Gata
Cowboys en Arabische meesterwerken
Tenslotte is er nog een overblijfsel van een middeleeuws kasteel, gebouwd op bevel van katholieke vorsten. Het verrees op de funderingen van het door een aardbeving gedeeltelijk verwoeste Alcazaba. De ‘inspectietocht’ langs de nieuwe mogelijkheden voor zonzoekers en grauwsluierhaters is ten einde. Wie daar behoefte aan heeft kan zijn hart ophalen aan de Spaanse kust, bruin worden, ontspannen, lekker eten en volop genieten van de omgeving, zolang als het mogelijk is. Wonen in de zon maakt optimistisch. | ||
| naar boven | ||
Overwinteren aan de Costa Azahar Denkend aan een reisgebied waarvan de naam begint met Costa, zie je overvolle stranden, boulevards met duizenden flanerende mensen en uitheemse plaatsen met oer-Hollandse Broodje-van-Kootje-zaken.............Sonja en Jos Stassen |
Overwinteren aan de Costa Azahar
Denkend aan een reisgebied waarvan de naam begint met Costa, zie je overvolle stranden, boulevards met duizenden flanerende mensen en uitheemse plaatsen met oer-Hollandse Broodje-van-Kootje-zaken. Wie echter aan een ACSI overwinteringsreis naar een van de Costas deelneemt, ziet heel iets anders: nog rustige stranden, mooie boulevards met hier en daar een open horecagelegenheid en bovenal de authentieke sfeer van de gewone levendige Spaanse stad of dorp. De overwintering aan de Costa Azahar kent bovendien een aantal hoogtepunten, die in andere reizen ontbreken, namelijk de uitbundige levendigheid van de inwoners van Castellón de la Plana rond de Magdalenafeesten en de muzikale en kleurrijke kunstzinnigheid van de Fallasfeesten in Valencia.Sonja en Jos Stassen
Reis en verblijfcamping
De reis gaat in een viertal dagen naar Benicàssim, een stadje iets ten noorden van Castellón. Op een van die vier dagen wordt nog een excursie gemaakt naar Barcelona, de stad waar de meesterwerken van zowel de gotiek als het modernisme bewonderd kunnen worden. De verblijfcamping Bonterra Park in Benicàssim is gewoon heel goed, prima restaurant, mooie ruime plaatsen in de zon, gelegen tegenover een grote supermarkt, op loopafstand van het stadje en op slechts 200 meter van het lange zandstrand. Aan het einde van de 19de eeuw werd Benicàssim door de welgestelde Valencianen "ontdekt" als badplaats. Zij lieten er hun nu nog steeds te bewonderen chique villa’s bouwen. Via de lange boulevard fietst u in een stief halfuurtje naar de haven van El Grau, waar vooral op de zondagen een levendig vertier is bij de vele restaurants. Het achterland van Benicàssim biedt tal van pittoreske dorpen en vlakbij een gebergte, de Desierto de las Palmas.
Valencia
In deze reis is een excursie naar Valencia inbegrepen. Wie van ons kent Valencia? In de veelheid van beroemde Spaanse steden valt Valencia nauwelijks op. Toch is deze derde stad van Spanje meer dan de moeite van een bezoek waard. Een klein stadscentrum, dat je gemakkelijk te voet kunt bezichtigen, met tal van bezienswaardigheden. En dan ietsje buiten het centrum de in de vroegere bedding van de rivier de Turia gebouwde Stad van de Kunsten en Wetenschappen (Ciutat de les Arts i les Ciències). De hier neergezette bouwwerken zijn van een ongekende fijne architectuur.
Magdalenafeesten.
Tussen de derde en vierde zondag van de vasten wordt in Castellón het Magdalenafeest gevierd, daterend uit de Middeleeuwen. De inwoners van het in de bergen gelegen plaatsje kregen toen het recht zich in de vlakte te gaan vestigen en daar een nieuwe stad te bouwen: het huidige Castellón de la Plana. De feesten gaan gepaard met optochten, met muziek, met vuurwerk en nog meer optochten en processies. In 2008 hebben de deelnemers aan deze overwinteringsreis allen met veel genoegen een of meer van deze processies en optochten bekeken.Fallasfeesten
Dit feest vindt altijd plaats op de naamdag van Sint Jozef, 19 maart. De ACSI-winterreis is mede op dit feest afgestemd. Het stamt uit de Middeleeuwen. Als in de lente de handwerkslieden in Valencia hun werkplaatsen uitruimden, staken zij de resten in brand. Later werden van die resten poppen gemaakt en zo ontstond een traditie, waarbij enorme beeldengroepen ontstaan van hout en papier-maché. Op bijna elke belangrijke straathoek staat vanaf 15 maart een dergelijk beeld te pronken. Dan komen de juryleden en zoeken het mooiste uit. Dat mag blijven, alle andere gaan op 19 maart om 12 uur ’s nachts in vlammen op. Vanaf begin maart beginnen deze feesten met om 14 uur een knalpartij van jewelste. De stad davert op haar grondvesten, pijlen vliegen de lucht in en tienduizenden mensen staan erbij, kijken en voelen de enorme knallen zelfs lijfelijk.
Een van de mooiste gebruiken is de "Ofrenda", een tocht waarbij de prachtig geklede vrouwen bloemen brengen bij het enorme beeld van Maria bij de basiliek. Elke groep gaat vergezeld van een blaasorkest, dat bij de basiliek de wereldbekende melodie "Valencia" speelt. De gasten van de reis 2008 noemden hun bezoek aan de Ofrenda het absolute hoogtepunt van deze reis.
Als enig minpuntje vonden zij de te korte duur van de reis: de 38 dagen zouden er meer mogen zijn….
Sonja en Jos Stassen
Klik op Startcamping om de reis van uw huis naar de eerste camping te plannen. Klik op Laatste camping om de route van de laatste camping naar uw huis te plannen.
Startcamping
Laatste camping




















Aangezien we geen tijd hebben om per auto en op ons dooie akkertje de afstand te overbruggen en langzaam te wennen aan de weersverandering, pakken we het vliegtuig naar Alicante en vandaar trekken we met een huurauto de mooie, vriendelijke en soms ruige kust langs tussen Oliva en Malaga. Daar vliegen we terug. De temperatuur is ons zeer goed gezind: 20 tot 25 graden, soms met een wolkje, meestal strakblauw en een aangenaam windje. Wat wij in tien dagen aan zon proberen binnen te halen, daar doet een grote groep landgenoten veel langer over.
Buiten het aardige Oliva ligt Camping Park Kiko, pal aan zee. Met het badpak aan kun je zo ‘van huis in zee’. Het terrein heeft allemaal laantjes waar de gasten keurig naast elkaar staan. De langverblijvers hebben zelfs tuintjes om hun huisjes aangelegd, wat de sfeer heel gezellig maakt. We zien enkele gele nummerplaten en zijn nieuwsgierig waarom deze landgenoten hier zijn neergestreken. Greetje en Geert Pieksma bijvoorbeeld, zogenaamde zwervers, die na enkele weken naar een andere plek trekken maar wel drie à vier maanden onderweg zijn in de zon.
Adrie Kraaiy treffen we achter de barbecue en zijn schoonmoeder Maja Dijk, die elk jaar een paar weken komt logeren, leest genietend in het zonnetje. Zijn echtgenote is naar de Super (die overigens door iedereen goed gevonden wordt). ‘Wij hebben geen vaste periode dat we naar Spanje gaan, maar wel als het in Holland niet zo aangenaam van klimaat is. We staan altijd op deze plek. Het is voor ons vooral de omgeving die het hem doet, de mooiste van heel Spanje. Je kunt fijn wandelen in de bergen, wat in het zuiden niet mogelijk is. De temperatuur is hier het beste want er is een beetje wind bij. Bovendien ben je omringd door de sinaasappels en mandarijnen en dat is ook niet vervelend,’ lacht deze zeer gebronste Spanje-ganger hartelijk. ‘Je kunt in dit gebied ook goed fietsen, weinig hoog en laag verschil.’ De familie is wat betreft de camping heel lovend, vooral over het sanitair.
Het wordt tijd dat we de omgeving eens gaan ontdekken. We nemen de route die langs de kust loopt terug naar Alicante waar we overnachten. Onderweg komen we aardige plaatsjes tegen. Javea bijvoorbeeld met een vissershaventje en een nog grotere plezierhaven. Als we er doorheen rijden komen we langs allerlei sfeerpleintjes en straatjes. Javea (ook Xabia genoemd) is van oorsprong gebouwd rondom een vestingkerk. Dit Gotische Godshuis is gewijd aan San Bartolomé. Uitkijktorens dienden om een naderende vijand te signaleren. Alicante, de hoofdstad van de provincie, is een echt grote plaats. Ja, ook met de bekende parkeerproblemen. Maar aan de haven zijn enkele grote garages. Dan gewoon de straat oversteken en u bevindt zich op de meest beslenterde en bezochte boulevard ‘La Esplanada’.
Vanuit Alicante hebben we nog een tripje gemaakt naar Elche, 20 kilometer naar het zuiden. Een heel bijzondere ervaring, want de stad is min of meer volgebouwd met palmen. Behalve in enkele belangrijke parken, zoals het Parc Municipal, staan ze zomaar overal langs de weg en zijn er pleinen mee volgeplant. Het VVV, gehuisvest aan de rand van het Parc in een schattig Moors huis, vertelde dat er zeker 300.000 volwassen palmbomen in Elche staan. Om nog maar niet te spreken van de nieuwe kweek, die constant wordt bijgeplant. De boom is bijna heilig want niemand mag er zelfs maar aan denken om er eentje om te hakken. ‘Elche moet een totale palmenstad worden. Er is nog genoeg plaats en we gaan gewoon door tot aan de buitenrand.’
De tocht gaat verder naar het zuiden uiteraard via de kustweg, langs plaatsjes als Santiago La Ribera en Los Alcazares, gelegen aan de lagune, waar de mimosa nog in volle bloei staat. Voor we doorrijden naar Cartagena slaan we af naar La Manga del Mar Menor, waar aan zee de Camping La Manga ligt. We missen de afslag en komen ongewild 5 kilometer verder in de kustplaats zelf terecht, vol hoge appartementcomplexen, gezellige winkels, restaurants/bars en grote, levendige supermercado’s.
De laatste nieuwe ACSI-overwinteringsstand-plaats ligt op het puntje van de zuidelijke oostkust. Maar eerst nog en passant een blik op Mojacar, het ‘witte’ plaatsje aan de kust. Door de bouwstijl en de minarettes kun je goed zien dat het teruggaat naar de tijd dat de moslims hier de scepter zwaaiden. Alle oude en de (vele) nieuwe huizen zijn wit geschilderd wat een extra zonnig beeld geeft. Verder heeft het behalve de eethuisjes aan de boulevard geen extraatjes te bieden. Ergens verderop komen we nog een overeind gebleven stuk tegen van het Castillo de Macenas, een burcht aan zee, duidelijk ooit daar gevestigd ter verdediging van het achterland. Camping La Caleta ligt middenin het ruige natuurgebied van de Sierra de Gata. Een leuke en vriendelijke kleine kampeerplek waar men ruim kan staan, ideaal wanneer u van rust en ruige natuur houdt. De camping ligt aan het strand. ‘Maar je moet je daar niet te veel van voorstellen, veel kiezel met een beetje zand ertussen. La Caleta trekt vooral veel natuurliefhebbers, dus meestal kalm volk.’
Als we via een grotere weg richting Almería rijden, passeren we de plek waar menige western is opgenomen. In Tabernas, het filmstadje, staat het decor klaar om zo weer tot leven te komen voor een cowboygevecht. Het is leuk om hier eens een kijkje te nemen, misschien herkent u iets uit zo’n wildwestfilm. Almería is als elke oude stad vol met nauwe straatjes. Voorzichtig rijden en menigmaal voor- en achteruit manoeuvreren om er zonder kleerscheuren uit te komen. Maar als het lukt om het Alcazaba te bereiken, dan krijg je waar-voor-je-geld. Het is een van de grootste Arabische constructies in Spanje. Er zijn verschillende delen te onderscheiden, zoals een Gotische poort van een oud paleis, die naar het hart van het Alzacaba leidt. Vroeger werd het bewoond door moslimleiders en was bebouwd met moskeeën en rituele baden.
Denkend aan een reisgebied waarvan de naam begint met Costa, zie je overvolle stranden, boulevards met duizenden flanerende mensen en uitheemse plaatsen met oer-Hollandse Broodje-van-Kootje-zaken.............



